Dit jaar reisde ik, Karin van Kooten, naar Mozambique om een aantal Unicef-projecten te bezoeken. De verhalen van de kinderen die ik daar ontmoette waren soms hartverscheurend, maar vooral: hoopvol.
Het vliegtuig draait een mooi rondje boven Maputo, de hoofdstad van Mozambique. Een stad met een kleine skyline en rode aarde, aan de kust van de Indische Oceaan.
Het Unicef-kantoor zit in Maputo, de hoofdstad van Mozambique. Toch blijf ik hier maar een paar uur. Ik reis vandaag nog door naar Beira. Daar zijn bijna alle Unicef-projecten die ik deze weken ga bezoeken.
Op het vliegveld van Maputo verbaasde ik me al over de rust. Maar Beira slaat alles. Het lijkt of iedereen elkaar hier kent.
Vandaag ontmoet ik Henrique Henriques, van de organisatie Asadec. Asadec helpt kinderen die getroffen zijn door aids. Deze kleine, lokale organisatie werkt in de Mozambikaanse provincie Sofala.
Ik ben onder de indruk van Victoria Sousa (29). Deze Mozambikaanse vrouw zorgt niet alleen voor haar eigen vier dochters, maar ook voor tientallen aidswezen. Ze is een van de drijvende krachten achter het door Unicef gesteunde Asadec-project in Dondo.
Wereldwijd verloren al meer dan 15 miljoen kinderen hun ouders aan de gevolgen van aids. Vandaag ontmoet ik er twee. Joaninha (11) en haar zusje Chica (8).
Vandaag ontmoet ik de broers Joao (10) en Paulo (12). Twee aidswezen, die wel worden opgevangen door familie. Deze broers wonen bij hun oma. Maar hun verhaal is niet veel vrolijker dan dat van Joaninha en Chica.
Sinds een paar dagen zijn ook Unicef-Ambassadeur Monique van de Ven, haar man Edwin de Vries en hun zoon Sammie (12) in Mozambique. Ze maken een film over het werk van Unicef.
Wat gebeurt er als een 12-jarige Nederlandse jongen Mozambikaanse kinderen ontmoet? Is er contact? Begrijpen ze elkaar?
Ambassadeurs van Unicef schromen niet hun netwerk in te zetten voor Unicef. Dus verschijnt er in juli een artikel in de Volkskrant: Edwin de Vries over zijn reis naar Mozambique. En zit er in november 2006 een special over aidswezen bij het tijdschrift Linda.
Fotografe Marieke en ik worden 's ochtends zenuwachtig wakker. Vandaag gaan we naar het ziekenhuis van Beira. We bezoeken de afdeling voor ondervoede kinderen, waar bijna elke dag een kind sterft.
Mara Zambroni, een tengere Italiaanse arts, leidt ons rond over de afdeling voor ondervoede kinderen van het Provinciale Ziekenhuis in Beira. De komende uren wijkt zij geen centimeter van mijn zijde.
Op de afdeling voor ondervoede kinderen van het provinciale ziekenhuis in Beira wordt me pijnlijk duidelijk wat voor gaten aids slaat in de Mozambikaanse samenleving. Sommige kinderen hebben niemand meer.
Vandaag ontmoet ik voor het eerst kinderen die openlijk praten over aids. Nota bene op de school van Chica, het zusje van Joaninha.
Vandaag vliegen fotografe Marieke en ik naar Maputo, de hoofdstad van Mozambique. De weg naar het vliegveld is bizar: in tien minuten tijd passeren we zeven begrafenisstoeten. Met een dubbel gevoel verlaat ik Beira.
Ik dwaal vandaag door de gangen van een prachtig oud gebouw met marmeren trappen: het hoofdkwartier van Radio Mozambique. Hier maken kinderen met steun van Unicef elke week radio voor andere kinderen.
Ik trek vandaag vooral op met de jonge journalisten Aramiss (15) en Dulce (20). Het valt me op dat deze jongeren van Radio Mozambique gewend zijn hun mening te geven. Ze praten makkelijk en open. Ook over lastige onderwerpen, zoals condooms en aids.
Helaas. Onze tijd in Mozambique zit erop. Fotografe Marieke van der Velden en ik vliegen samen terug naar Nederland. Vol verhalen en indrukken. Een beetje verdrietig maar vooral: hoopvol.
Andere landen:
- Peru- Vietnam- Kenia- Colombia- Zimbabwe- Bangladesh- Ethiopië- Jamaica- Burkina Faso- Sierra Leone